Vraagstelling: In welke bouwstijlen zijn de landhuizen gebouwd in de dorpen van de huidige gemeente De Bilt en wat zijn de afzonderlijke kenmerken van die bouwstijlen?

Toelichting: In de dorpen die nu bij de gemeente De Bilt horen: De Bilt, Bilthoven, Maartensdijk, Westbroek, Hollandsche Rading en Groenekan, zijn opvallend veel landhuizen gebouwd. Aanvankelijk waren het boerderijen met een aanbouw maar later maakte men er grote woonhuizen van die in verschillende stijlen gebouwd werden. Meestal werden de na een aantal jaren gedeeltelijk verbouwd, waarbij men dan vaak weer een nieuwe stijl gebruikte. Iedere stijl had een aantal kenmerken, die we nu nog aan de landhuizen terug kunnen zien.

Tips:

1. Zoek uit, welke landhuizen er waren in de dorpen van De Bilt en maak een lijst. Dat kun je doen door op het Internet naar Online Museum De Bilt te gaan en in het zoekvak het woord landhuis in te tikken.
2. Je kunt het ook doen door op de homepage het menu met digitale Rondleidingen te kiezen en dan de rondleiding Landhuizen van de Stichtse Lustwarande en de rondleiding Noordelijke Landhuizen door te lopen.
3. Meer informatie over de landhuizen kun je vinden door in de artikelen ook de links naar andere bijdragen aan te klikken.
4. Gebruik ook de boeken die bij de rondleidingen worden aanbevolen, in ieder geval
L. van Groningen, De Utrechtse Heuvelrug, De Stichtse Lustwarande, Buitens in het groen, Zeist 1999.
M. Kruidenier en J. van der Spek, Maartensdijk. Geschiedenis en architectuur Zeist/Utrecht 2000.
S. Broekhoven en S. Barends, De Bilt, geschiedenis en architectuur, Zeist 1995.
5. Beschrijf van ieder landhuis hoe de stijl is toegepast.
6. Geef van ieder van de kenmerken een goede omschrijving.
7. Bekijk zelf de landhuizen en maak van ieder kenmerk minstens één foto of filmfragment.
8. Schrijf in je eigen woorden. Kopieer vooral niet de tekst van het Online Museum want die wordt beschermd door het copyright.
9. Mail aan het Online Museum dat je dit onderwerp hebt gekozen. Misschien kunnen we je nog ergens mee helpen of kunnen we er iets van leren. Als je een heel goed profielwerkstuk maakt met nieuwe gegevens, kunnen we dat publiceren op het Online Museum.
10. Overleg met je begeleidende docent over de planning, de voortgang en over de vorm waarin je onderzoek wordt gepresenteerd.
DAB