
Hier ziet men schetskaart van de polders en weteringen in het gerecht van Oostveen, daterend van 1660-1680. [Utrechts Archief, Catalogusnummer 207055.]
We lijken te maken te hebben met een onafgemaakt voorontwerp voor een onbekende zeventiende-eeuwse kaart.
Afstanden worden in hoeven uitgedrukt, een lengtemaat van omstreeks 120 meter. Deze maat geeft de kopse kant van de ontgonnen kavels aan. Vanaf deze kopse kant werden de langwerpige kavels ontgonnen waarop per hoeve een boerenbedrijf kwam.
Uiterst links ziet men verticaal Oostveen, Daarnaast, naar rechts toe, verticaal: Hollantsche Raede, Maertensdijck , Nieuwe Weteringe. Karnemelcx Wetering, Gelderdyck, Oude Weteringe, t’Voordorp en nog eens t’Voordorp,
Bovenaan leest men, horizontaal: ’t gherecht van De Bilt’. Daaronder links, horizontaal: viertelen van de Hollantsche Radinge tot dat Nieuwe Weteringe streckende.
Daarnaast leest men horizontaal Achterlanden streckende vande Bisschops ofte Oude Wetering toe en ix hoeven van de Bisschopswetering tot het Voordorp’ alsmede xxvi hoeven vant Voordorp tot de Steenstraat […].
Daaronder ziet men horizontaal: vi hoeven van den Geldersche dijck tot de Heerenwegh toe en xvi hoeven van de Heerenwegh tot de Vryheyt van de stadt.
Midden over de kaart loopt horizontaal een lijn waarbij men leest Maertensdycksche vaert. Aan de onderkant van de kaart staat horizontaal t’gherecht van Achtienhoven.
Op het aangehechte briefje rechtsonder leest men: A Daer was die watergange gestopt hoeven vande Agterweteringe en B Hier hadden die van xii ende vi hoeven [twaalf- en zeshoven] een brugge gelegt ende is by die gerechte van Oostveen opgeschordt […] en C. Hier waren wel quade slagen […].
Het gaat kennelijk om nadere aanduidingen van ongewenste ontwikkelingen zoals een gestremde watergang en een onklaar gemaakte brug. De letteraanduidingen zijn echter niet op de kaart te zien.
AD