Afgebeeld is ds. J.H. Becker uit Maartensdijk, ‘veldprediker’ van het basiscommando te Cheribon op Java, tijdens de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog. [Nationaal Archief. Fotocollectie Dienst voor Legercontacten Indonesië.]

Meer informatie

Ds. Becker uit Maartensdijk werd door de Gereformeerde Kerk van Maartensdijk uitgezonden als legerpredikant. Op de foto is hij in gesprek met twee soldaten van het Derde Regiment Infanterie, dat werd ingezet bij militaire operaties tegen de troepen van de Republiek Indonesië. Het regiment nam deel aan beveiligings- en gevechtsacties, zoals het bewaken van belangrijke wegen, steden en plantagegebieden en het uitvoeren van patrouilles op het platteland.

De Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog (1945–1949) begon vlak na het einde van de Tweede Wereldoorlog in Azië. Op 17 augustus 1945 riepen Soekarno en Mohammad Hatta de onafhankelijkheid van Indonesië uit. Nederland wilde zijn kolonie Nederlands-Indië echter terug en erkende deze onafhankelijkheid niet. In de eerste periode na de onafhankelijkheidsverklaring was het erg onrustig. Deze tijd staat bekend als de Bersiap-periode. Groepen jonge Indonesiërs (pemuda’s) probeerden de macht over te nemen en vielen soms Europeanen en mensen die met de Nederlanders samenwerkten aan. Tegelijk probeerden Britse troepen tijdelijk de orde te herstellen.

Vanaf 1946 probeerde Nederland zowel met onderhandelingen als met militaire acties de controle terug te krijgen. Dit leidde tot het Akkoord van Linggadjati. Daarin erkende Nederland de Republiek Indonesië gedeeltelijk, maar de spanningen bleven bestaan.In 1947 en 1948 voerde Nederland twee grote militaire acties uit, die “politionele acties” werden genoemd. Het doel was om belangrijke gebieden terug te veroveren en de jonge republiek te verzwakken. Steden zoals Cheribon (nu Cirebon) waren belangrijk vanwege hun ligging en rol in transport en bevoorrading.

Na de tweede militaire actie in 1948 nam de internationale kritiek sterk toe. Vooral de Verenigde Staten en de Verenigde Naties vonden dat Nederland te ver ging, zeker nadat de Indonesische hoofdstad Yogyakarta was ingenomen en leiders waren opgepakt. Onder deze druk gingen beide partijen opnieuw onderhandelen tijdens de Ronde Tafel Conferentie. Op 27 december 1949 erkende Nederland uiteindelijk de onafhankelijkheid van Indonesië.De oorlog was daarmee voorbij, maar de gevolgen waren groot: veel slachtoffers, economische schade en lange tijd spanningen tussen Nederland en Indonesië. Voor Indonesië betekende deze strijd het begin van een zelfstandig land.

Literatuur: David van Reybrouck, Revolusi (Amsterdam 2020)

AD