In de eerste helft van de twintigste eeuw vervulden bodediensten een belangrijke rol in het dagelijks leven op het platteland. Ook in Maartensdijk zorgden plaatselijke bodes ervoor dat goederen, boodschappen en andere benodigdheden vanuit de stad bij de inwoners terechtkwamen. Twee krantenartikelen uit 1992, waarin Koos Kolenbrander en Hans Stevens herinneringen aan deze verdwenen bedrijfstak verzamelden, geven een levendig beeld van het werk van de bodes en de veranderingen die het vervoer doormaakte.

Hierboven: Dik en Steven Boshuis tijdens de Tweede Wereldoorlog op de voor een paard omgebouwde Chevrolet (Beeldbank Historische  Vereniging Maartensdijk).

Meer informatie

Het vrachtvervoer tussen Maartensdijk en de stad verliep aanvankelijk op verschillende manieren. Grote partijen kolen, veevoer, stro en bouwmaterialen kwamen per goederentrein aan. Goederen konden vervolgens per schuit over de sloten en weteringen worden vervoerd. Soms trokken meerdere schuiten achter elkaar op, voortbewogen door paarden die over het jaagpad langs het water liepen. Schippers als Gert Looyen en Van der Horst deden Maartensdijk aan. Langs de Dorpsweg waren twee losplaatsen, waarvan de namen herinnerden aan deze bedrijvigheid.
Henk van der Linden, een vertrouwd gezicht
Er was echter ook een bodedienst. Een bekende Maartensdijkse bode was Henk van der Linden, die aan het begin van de Dorpsweg woonde, tegenover het stationskoffiehuis. Achter zijn huis had hij een schuur voor zijn paard en wagen. Wie in de stad iets groots had gekocht en het zelf niet kon vervoeren, liet het afleveren bij een bodehuis. Van der Linden nam de goederen mee terug en bezorgde ze bij de mensen thuis. Zo konden dorpelingen ook meubels en andere omvangrijke aankopen laten vervoeren.
Van der Linden was een bekende verschijning in het dorp. Jongens probeerden weleens achter zijn wagen mee te rijden, maar wanneer hij hen met zijn zweep waarschuwde, maakten ze zich snel uit de voeten. Zijn paard kende de vaste route en stopte onderweg zelfs uit zichzelf bij een café waar zijn baas graag kwam. Ook de knecht, Rik van Brummelen, was een vertrouwde medewerker. Hij volgde Van der Linden op de fiets en hield onderweg een oogje op de wagen.
Steven Boshuis neemt het werk over
In 1928 nam Steven Boshuis de bodedienst van der Linden over. Boshuis was geboren in 1900 en groeide op in een buurtje aan het begin van de Molenweg. Hij begon met paard en wagen, maar in 1929 haalde hij zijn rijbewijs en stapte hij geleidelijk over op gemotoriseerd vervoer. Zijn eerste vrachtauto was een Chevrolet.
Het werk bestond uit veel meer dan het vervoeren van grote goederen. Boshuis kreeg boodschappenlijstjes mee en moest bijvoorbeeld kleding uit de stad of een geneesmiddel bij een drogist halen. Ook vervoerde hij ijs voor slagers en cafés. Midden in de nacht haalde hij lege kisten bij winkeliers op om ze in de stad met groenten te laten vullen. Verder bracht hij varkens naar het slachthuis en vervoerde hij bloemen van Maartensdijkse kwekers.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd benzine schaars. Een automonteur hielp Boshuis daarom zijn Chevrolet om te bouwen voor vervoer met paardentractie. De motor en cabine werden verwijderd en er kwamen bomen aan waarmee een paard de wagen kon trekken. Het paard bepaalde zelf het tempo en hield halt wanneer het rust nodig had.
Een veranderend bedrijf
Boshuis stopte in 1950 met zijn bodedienst. Intussen veranderde het vervoer ingrijpend. In de jaren vijftig nam de concurrentie tussen de bodehuizen toe en rond 1963 gingen verschillende bedrijven samenwerken in een coöperatie met een centraal bodehuis in Overvecht. De kleinere diensten maakten steeds meer plaats voor grotere, modernere transportbedrijven.
Toch bleef de bode in de herinnering van veel Maartensdijkers een vertrouwde figuur. Hij kende zijn klanten, wist wat er moest worden afgeleverd en zorgde ervoor dat de goederen op hun bestemming kwamen. Het vertrouwen dat daarbij hoorde, werd treffend samengevat in de woorden: ‘de bode brengt het wel thuis’.

DAB

Literatuur:
Koos Kolenbrander en Hans Stevens, Door de bode werd het thuisgebracht, in: Biltse en Bilthovense Courant 7 april 1992 .

Koos Kolenbrander en Hans Stevens , Ook in de oorlog reed bode Steven Boshuis door, in: Biltse en Bilthovense Courant 30 april 1992.