In 1938 trad de internationaal bekende tenorsaxofonist Coleman Hawkins (1904-1969) met zijn trio op in Hotel Poll in de Bilt. Poll was een bekende uitgaansgelegenheid en hotel in het centrum van het dorp, op de plaats waar nu de Cumulusflat staat, tegenover de splitsing Dorpsstraat/Burg. De Withstraat. Coleman Randolph Hawkins (1904-1969) was een Amerikaanse jazzmusicus en hij wordt beschouwd als de eerste grote jazz-tenorsaxofonist. Hij was pionier op dit instrument, waaraan hij zijn bijnaam “vader van de tenorsax” heeft te danken.  Foto: het Coleman Hawkins Trio.

 

Meer informatie

In zijn jeugd speelde Coleman Hawkins in Chicago en New York, tot hij in 1934 besloot naar Europa te gaan. Na een verblijf in Engeland kwam hij naar Nederland van waaruit hij trips maakte naar Parijs en Zwitserland. In Nederland trad hij op met het toen zeer populaire orkest de Ramblers. Hij speelde in Rotterdam, Amsterdam, Laren en in 1938 in de Bilt in Huize Poll dat toen een bekende uitgaansgelegenheid was. Hawkins speelde hier met zijn trio, bestaande uit Coleman Hawkins op tenorsax, Freddy Johnson op piano en Maurice van Kleef, drums.

We  mogen aannemen dat de Bilt in shock was,  ‘zwarte-negermuziek’ in een overwegend streng christelijke plattelandsgemeenschap! Daar moest je verre  van blijven. Maar gelukkig was er een verslaggever van Het Vaderland, Staat en  Letterkundig Nieuwsblad, die op 11 januari 1938 verslag deed van zijn bevindingen. Hij schreef onder de titel  “ Coleman Hawkins in de Bilt “:

Wist U dat een dorp onder de rook van Utrecht een drietal musici van wereldformaat herbergt en dat dit drietal avond aan avond zijn luisteraars in extase brengt door de vrijwel volmaakte muzikale en technische prestaties? Het zijn beide neger-kunstenaars Coleman Hawkins en Freddy Johnson, saxofonist en pianist, die tezamen met den Nederlandsche drummer Maup van Kleef thans optreden in Hotel Poll in de Bilt. Op hun terrein zijn zij ieder voor zich grootheden van den eersten rang, terwijl zij met elkaar een trio vormen dat zijn gelijke waarschijnlijk niet zal kennen; trouwens ook door henzelf wordt de combinatie als zeer gelukkig beschouwd.

Inderdaad is hun samenwerking subliem te noemen. Afgezien van het feit of men pro of contra jazz is, zal men toch moeten toegeven, dat wat zij bieden jazzmuziek van het “zuiverste water” is.  Zij die jazz verwerpen, zullen dan ook de muziek niet als zodanig erkennen, doch voor de minnaars van de echte jazz is Hotel Poll thans een el dorado.

Zozeer gaat men daar op in de rhytmische cadans en de zuivere vibrato’s van Hawkins, dat er zelfs niemand is die ook maar aan dansen denkt. Men luistert slechts stil naar de steeds nieuwe variaties die de saxofonist op de aan alle bekende melodieën schept. Terecht wordt dan ook Coleman Hawkins wel eens de grootste scheppende kunstenaars van dezen tijd genoemd. Zijn brein schijnt onuitputtelijk te zijn, en met veel gevoel en een bijna duivelsche vaardigheid geeft hij zijn gedachten weer. Zonder een blad muziek en op de bekende wijze met vrijwel gesloten ogen laat Hawkins zich drijven op de melodie om dan plotseling met een tintelende oorspronkelijke solo de leiding te nemen. Zoo is hij dan de Hawkins zoals men hem zich voorstelt”.

Op 28 februari was het laatste optreden in Hotel Poll.

WK

 

Literatuur:

Het Vaderland 11 01 1938.

Internet: Dorpsstraat vanouds Steenstraat. Hist. Kring de Bilt, 2021.

Internet: Huize Poll and Coleman Hawkins-Keep (it) Swinging.