Fort De Bilt is vooral bekend als de plaats waar tijdens de Tweede Wereldoorlog 140 verzetsmensen werden gefusilleerd. Minder bekend is dat het noordelijke deel van het fort na de bevrijding ruim anderhalf jaar dienst deed als bewarings- en verblijfskamp voor vrouwelijke NSB-leden. Vanaf augustus 1945 verbleven er meer dan duizend vrouwen, onder leiding van commandante M.L. Hijink-Rijnders. In gesprekken die zij tientallen jaren later voerde, blikte zij terug op deze bijzondere en vaak moeilijke periode. Foto: Bij de dodenherdenking van 4 mei 1946 deden ook de gevangenen mee.

 

Meer informatie

Toen zij in 1945 de leiding kreeg over het vrouwenkamp was mevrouw Hijink pas dertig jaar. Ze was getrouwd, had vier kleine kinderen en was tijdens de oorlog betrokken geraakt bij het verzet. Plotseling stond zij aan het hoofd van een kamp met ruim duizend vrouwen, onder wie bekende personen zoals de echtgenote van NSB-leider Anton Mussert.

Het kamp moest nog worden opgebouwd 

Bij haar aankomst was Fort De Bilt nauwelijks ingericht. Er stonden maar een paar barakken en vrijwel alles moest nog worden georganiseerd. In korte tijd groeide het kamp uit tot een complex waar ongeveer 1200 vrouwen verbleven.

De commandante beschikte over ongeveer honderd bewakers. De vrouwelijke bewakers werkten binnen het kamp terwijl gewapende mannen de buitenbewaking verzorgden. Via de kampoudste konden gevangenen een gesprek met de commandante aanvragen.

Vrouwen vroegen of hun echtgenoot nog leefde of probeerden nieuws over hun kinderen te krijgen. Soms kreeg Hijink het officiële bericht dat een man was gesneuveld of geëxecuteerd. Dan rustte op haar de zware taak dit persoonlijk aan de betrokken vrouw mee te delen. Toen zij de echtgenote van de ter dood veroordeelde politiecommissaris moest vertellen dat haar man was geëxecuteerd, sloeg ze een arm om haar heen.

Onderzoek en rechtspleging

Alle vrouwen moesten worden verhoord en kregen een proces-verbaal. Door de enorme aantallen arrestanten nam dit maanden in beslag. Pas nadat het onderzoek was afgerond, mochten ze weer schrijven naar hun familie. Ook bezoek bleef sterk beperkt. De meeste vrouwen zagen hun man of kinderen lange tijd niet terug, zeker als de mannen ook gevangen zaten.

Volgens Hijink bleek dat een groot deel van de vrouwen vooral hun echtgenoot was gevolgd en nauwelijks een eigen politieke rol had gespeeld. Tijdens haar periode als commandante kon ongeveer de helft van de gevangenen uiteindelijk naar huis terugkeren. “De meeste vrouwen waren broodNSB-ers.”

Werk gaf structuur

Vrouwen op een klein terrein zonder dagbesteding leverden onrust op. Daarom zocht mevrouw Hijink voortdurend naar mogelijkheden om werk te organiseren. Een groep van dertig tot veertig vrouwen ging dagelijks onder bewaking naar de Croeselaan in Utrecht om bij de Iglo te werken. Daarnaast ontstonden binnen het fort allerlei werkplaatsen: er werd gebreid, gesponnen, gekookt, afgewassen en administratief werk verricht.

Van een wolhandelaar uit Veenendaal kreeg het kamp grote partijen wol. De vrouwen breiden babypakjes die vervolgens in Utrecht werden verkocht. Ook Inventum in Bilthoven leverde werk. Tientallen vrouwen spoelden koperdraad af, waarna de spoelen werden gebruikt bij de productie van dynamo’s.

Zelfs afvalverwerking kreeg veel aandacht. Door de grote hoeveelheid etensresten trok het kamp veel ratten aan, zodat een goede hygiëne noodzakelijk was.

Creativiteit achter prikkeldraad

Ondanks de sobere omstandigheden ontstond een verrassend rijk cultureel leven. Er werden toneelvoorstellingen georganiseerd, muziekuitvoeringen gegeven en gezamenlijke zangavonden gehouden.

Ook op zondag bleef het kamp niet stil. Er werden kerkdiensten gehouden, waarbij verschillende predikanten uit Utrecht en omgeving voorgingen.

Strenge discipline

Hoewel Hijink begrip had voor de moeilijke positie van de gevangenen, bleef de discipline streng. De gevangenen werden bestraft wanneer zij de regels overtraden. Sancties bestonden onder meer uit het intrekken van bezoek- of andere rechten. Toen de commandante zag dat een bewaker een vrouw aan haar haren door de gang sleepte, ontsloeg zij hem onmiddellijk.

De geschiedenis van het NSB-vrouwenkamp op Fort De Bilt laat zien dat de bevrijding niet alleen een einde maakte aan de oorlog, maar ook het begin vormde van een ingewikkelde periode van berechting, bewaring en maatschappelijke verwerking.

DAB

 

Literatuur:

Tuinier, J. D. en G. Visser, Fort De Bilt NSB vrouwenkamp 1945 – 1946 Utrecht 2004.