De internationaal bekende Amsterdamse architect  professor Herman Herzberger ontwierp het nieuwbouwwijkje in het dorp Westbroek. (Tekening in collectie Wout van Winssen, met toestemming van mw. Karien Scholten).

 

Meer informatie

Herzberger werd in 1976  door de gemeente Maartensdijk (waar Westbroek toen bij hoorde)  benaderd om het nieuwbouwplan te maken voor het dorp Westbroek. Toen dit  bekend werd gemaakt,  kwamen er elf bezwaarschriften waarin betoogd werd dat het milieu schade zou lijden).  Vijftien vooraanstaande Westbroekers richtten het ‘Komité Westbroek Leefbaar’ op. Zij maakten  zich zorgen over de toekomst en leefbaarheid van het dorp. Daaruit moesten veel jonge mensen door gebrek aan huisvesting vertrekken.

Op aanraden van de toenmalige burgemeester Schuller werd een enquête gehouden. Er bleken in het dorp, dat zo’n duizend inwoners groot was, 54 inwoners te zijn die dringend om een woning verlegen zaten. Nog eens 98 procent van de bevolking steunde de plannen. De Westbroekers togen in optocht met toeterende auto’s en een open koets met daarin de comitéleden naar het gemeentehuis om de wensen van de dorpsbevolking aan de raadsleden bekend te maken. Men brak  in in de gemeenteraadszitting.  De erevoorzitter van het comité dokter Martin Smitt hield een toespraak, waarin hij erop wees, ’dat tot het door  de tegenstanders verdedigde milieu ook Westbroekers behoorden’. ‘Om deel uit te kunnen blijven maken van dat milieu hadden zij woningen nodig om te overleven.’  Dokter Smitt  haalde vervolgens een steen uit zijn dokterstas en luisterde met zijn stethoscoop ten aanschouwe van de raadsleden of daar nog leven in zat.

Comitélid Henk van Zijtveld vertelt over het vervolg: ‘Op 17 september 1977 was er de ‘Open dag in een gesloten  dorp’,  die van 7 uur is ‘s ochtends tot 11 uur ‘s  avonds duurde. Het hele dorp deed mee. We lieten slagbomen  neer aan de toegangswegen naar Westbroek. In optocht ging een  stoet door het dorp met voorop fanfarecorps De Vriendenkring.  Daarachter reden een boerenwagen met het bord ”Westbroek wil  bouwen”, een kraanwagen met bouwmaterialen en een mallejan  met heistelling en heipaal. […] [De nieuwe burgemeester Panis maakte] de naam voor de nieuwe wijk […] bekend  in een toespraak: het Oppereind.’

Die naam was het resultaat van een daarvoor uitgeschreven prijsvraag. Hij sloot aan bij het al bestaande Westbroekse Nedereind. De woorden Klepperman, Schutmeester, Wolkammer en Holsblokker in de straatnamen verwezen naar oude beroepen . De Klepperman was de nachtwaker. De Schutmeester was degene  die de schutten bediende waarmee de waterstand in de Westbroekse sloten geregeld werd. De Wolkammer verwerkte schapenvachten tot wol. Holsblokker is de oude benaming voor klompmaker. Dokter Martin Smitt vertelde: ‘Helaas volgde de gemeente de foutieve aanduiding Holsblokken die ten onrechte nog steeds op het straatnaambordje staat.

Herzberger ging uit van de gedachte dat de rijen huizen samen één boerderij vormden. In zijn optiek waren de ruimten boven de deur ‘slaapkooien’, de straat tussen de huizen was ‘de deel’.  De straten waren lang en smal, zoals ook de percelen en sloten van de Westbroekse polder dat waren. Er kwamen uiteindelijk veertig sociale huurwoningen en goedkope koopwoningen, met name voor ingezetenen van het dorp.

AD

 

Literatuur:

Verhalen van vroeger en nu uit De Bilt, Groenekan, Hollandsche Rading Maartensdijk en Westbroek (Stichting Skrīvan Groenekan 2013) pp. 216-218. Uit dit werk komt het citaat van comitélid Zijtveld (onder dankzegging aan mw. Petra Cremers van Stichting Skrīvan). Zie voorts: G. Masmeijer, Uit het grijs verleden naar het heden (Westbroek 1958).

Hieronder ziet men de eerste steenlegging van de wijk door burgemeester Panis (collectie Wout van Winssen, met dank aan Karien Scholten)