Op 11 juli 1603 schreef de bekende predikant Gerardus Blockhovius een bezorgde brief aan de Westbroekse kerkenraad (en de classis te Woerden): was de Westbroekse predikant Johannes Antonius Rommius mogelijk een Lutheraan? [Afgebeeld is een portret van Maarten Luther van de hand van Lucas Cranach, Lutherhaus Wittenberg]

 

Meer informatie

Tussen het calvinisme van de publieke kerk van de Republiek en het lutheranisme bestonden grote verschillen. In deze post gaat het om het volgende. Terwijl het bij de ‘Christelijcke Gereformeerde Kerk’ van de Republiek  ging om een ‘gedachtenismaal’ naar aanleiding van Christus’ kruisiging, meende Luther dat ‘in de tekenen van brood en wijn de nabijheid van Christus en al zijn heiligen geschonken werd’. In de in de bijlage opgenomen brief uit ds. Blockhovius zijn zorgen over het feit dat dominee Rommius samen met twee Lutheraanse Westbroekers (de schout en diens zoon) de kerkenraad en de classis lastig valt over de opvattingen van Luther, mogelijk er zelfs Lutheraanse gedachten op na houdt.

Ds. Rommius was in de jaren 1598-1600 en 1603-1604 predikant van zowel Maartensdijk als Westbroek. Blockhovius (omstreeks 1550-1607) was een geruchtmakende predikant die er bij orthodoxe calvinisten niet goed op stond. Hij was een aanhanger van de ideeën van de humanist Coornhert en wordt wel aangeduid als een ‘libertijnse predikant’, een ‘vrijzinnige’. Blockhovius wilde in de jaren 1594/5 in Utrecht het deelnemen aan het Heilig Avondmaal voor iedereen openstellen en wees de zo geheten ‘voorbeschikking’ af, de gedachte dat God al bij de geboorte het lot van de mens had bepaald. (Blockhovius’ ‘lichtere’ opvattingen hadden al eerder, in Gouda, Mechelen en Heusden  voor problemen gezorgd. In Gouda en Heusden werd hij ontslagen, bij de komst van de Spanjaarden had hij uit Mechelen moeten vluchten).  Na verzoening met zijn orthodoxe ‘medebroederen’ in Utrecht bleef hij tot 1598 predikant in de Domstad, maar moest uiteindelijk wegens ‘overspel’ met een dienstbode zijn bediening in Utrecht opgeven. Hij mocht daarna wel in de gereformeerde kerk vanWaarder aan de slag, maar moest daarvoor eerst zijn spijt betuigen over zijn eerdere ‘dwalingen in leer en leven’. In 1602 en 1603 werd Blockhovius  visitator van de classis Woerden, het jaar daarop lid van de provinciale classis te Woerden. Het is opvallend dat Blockhovius, kennelijk door de eigen ervaringen gelouterd, in zijn functie als visitator de Westbroekse kerkenraad waarschuwt voor afwijkende opvattingen. Dat blijkt uit de genoemde brief, die men kan lezen in de bijlage, in transcriptie en als kopie. Klik daarvoor aan: Een Westbroekse predikant met Lutheraanse neigingen?

 

 

AD