De patriot Gerhard Bruining trekt in juli 1787 met ongeveer 600 Utrechtse schutters en Franse militairen naar De Bilt. Aanleiding is de grote onrust die in Utrecht is ontstaan over de aanwezigheid in De Bilt van vijandelijke troepen, dat wil zeggen legereenheden van stadhouder Willem V. [Uniform van het Utrechtse Defensiewezen onder Lidth de Jeude. Anoniem, 1787–1790. Rijksmuseum Amsterdam.]

Meer informatie

In zijn Herinneringen beschrijft Bruining hoe hij eind juli 1787 vanuit Utrecht met de schutterij en Franse militairen richting De Bilt trekt. Onderweg ontmoet hij een schutter die zich laf gedraagt en ontwapent hij hem. Daarbij  is ook de broer van de Westbroekse predikant Willem van Hamelsveld, professor Ysbrand van Hamelsveld, een bekende patriot, betrokken. [Klik voor Van Hamelsveld HIER.]

Wanneer Bruining bij een beschadigde brug aankomt, helpt hij mee met de reparatie. Vervolgens bereiken de militairen De Bilt, maar zij treffen het dorp verlaten aan. Niet lang daarna worden zij door vijandelijk geschut beschoten en gedwongen zich terug te trekken. De schutters raken hierdoor ontmoedigd en keren tegen de avond terug naar Utrecht. Bruining biedt vervolgens vrijwillig aan om achtergelaten buskruit op te halen. Samen met een collega vindt hij twee vaten buskruit. Ze nemen deze mee en brengen ze via de donkere en verlaten laan terug naar de stad. Bij de Biltstraat worden de twee mannen aanvankelijk aangezien voor vijanden. Pas na enige tijd worden zij herkend als eigen troepen en kunnen zij het buskruit veilig afleveren. Voor Bruinings uitgebreide verslag van deze gebeurtenissen klik men aan: Bruinings verslag van de vijandelijkheden bij De Bilt.

Wie was Bruining?

Gerbrand Bruining (1764–1833) werd op 28 juli 1764 geboren in Gorredijk als zoon van de predikant Petrus Bruining. Hij studeerde aan de universiteit van Franeker, waar hij zich onder meer bezighield met letteren, wiskunde en theologie.

Tijdens de politieke onrust van de jaren 1780 koos hij duidelijk de zijde van de patriotten. In 1787 trad hij toe tot de ‘artillerie van de Utrechtse Staten’, de tegenstanders van de patriotten, maar uiteindelijk slkuit hij zich aan bij het patriotse ‘Defensiewezen’ en maakte hij deel uit van de patriotse troepen in Utrecht.

Tijdens de inval van de Pruisische troepen die stadhouder Willem V en zijn vrouw  te hulp waren geschoten in hun strijd tegen de patriotten vocht Bruining ook bij Blauwkapel. Klik daarvoor HIER. Daarna hielp hij bij de verdediging van Muiden. Na de nederlaag van de patriotten zag hij zich genoodzaakt Nederland te verlaten.

Enkele jaren later keerde hij terug naar Nederland. Hij werd remonstrants predikant en was daarnaast actief als schrijver, taalkundige en publicist. In 1830 publiceerde hij zijn belangrijkste autobiografische werk, een egodocument: Herinneringen met betrekking tot de omwentelingen in Staat en Kerk, gedurende zijnen levensloop. Daarin beschreef hij zijn ervaringen als patriot en militair tijdens de roerige gebeurtenissen van 1787, waaronder de gevechten en militaire acties bij De Bilt, Muiden en Blauwkapel.

AD

Bron: G. Bruining, Herinneringen met betrekking tot de omwentelingen in staat en kerk gedurende zijnen levensloop [Dordrecht 1830].